Welkom

Heilige Filippus Neri

Wie

Waar

Nieuws

Gebed Wonder

Contact







































 
H. Filippus Neri

Filippus Neri was een priester die leefde in de zestiende eeuw te Rome. Typerend voor Neri was zijn vurig liefdevol spreken over Jezus Christus. Door zijn aandacht voor gebed, gesprekken, zang, muziek en bedevaarten ontwikkelde zich het eerste Oratorium. Tegenover de heersende opvatting van die tijd dat God alleen te vinden was in de eenzaamheid, plaatste Filippus Neri cultuur en schoonheid als een weg naar God. Filippus stond bekend om zijn vriendelijkheid en is ook patroon voor de humor.


Om te weten wie wij zijn, nodigen wij u uit om te kijken naar Filippus Neri
en naar enkele grote figuren uit onze geschiedenis (zie hieronder).

Filippus Neri (1515 - 1595) Onze Stichter

De oorsprong van het Oratorium is vervlochten met het leven van de Heilige Filippus Neri. Wie was hij? Filippus is geboren in 1515 te Florence, een handelsstad en een van de bekendste cultuursteden van Europa. Hoewel Filippus op 18-jarige leeftijd zijn woonplaats verliet om er nooit meer terug te komen, behield hij een Florentijns hart: een warm en levendig geloof, het klooster San Marco van de dominicanen, het temperament van Savonarola, de verlichte schilderijen van Fra Angelico, een vurige liefde voor Jezus, oog voor schoonheid en een grote liefde voor de Republiek. Kortom, Filippus Neri was een zoon van Florence. Door zijn goedheid en humor trok hij mensen aan en 'heilig worden' was geen vies woord voor hem.

Na een voettocht van 550 kilometer kwam hij aan in Rome. Tijdens die reis heeft hij waarschijnlijk ontdekt wat wezenlijk en bijkomstig is in het leven. Hij kiest voor Jezus Christus. Hij gaat leven als een kluizenaar (in die tijd waren er vele kluizenaars in Rome). Om in zijn onderhoud te voorzien geeft hij les aan de kinderen van een zakenman. Ondertussen pelgrimeert Filippus van kerk naar kerk en zorgt voor zieken in ziekenhuizen. Minstens een jaar studeert hij filosofie en theologie aan een universiteit.

's Nachts bracht hij door in de pas ontdekte catacomben. In die tijd waren het donkere onontgonnen spelonken, wie daar binnenging kroop lettrerlijk in het graf van de martelaren van de eerste kerk. Het was er onveilig, er verbleef allerlei gespuis en rovers, mensen geloofden dat er demonen woonden, er waren er die erin verdwaalden en er nooit meer uitkwamen... De vrolijke en sociale jongeman moet door iets onweerstaanbaars aangetrokken zijn, want hij beschouwde de eenzaamheid in de catacomben, dicht bij de eerste Christenen, als iets paradijselijks. Gods liefde! Dat was het! Filippus had nergens angst voor, hij had zelf ervaren dat alle dreigende machten overwonnen waren door de liefdevolle Jezus Christus aan het Kruis.

In de catacomben bad Filippus om de komst van de Heilige Geest en om ZIjn gaven. Het was vlak vóór Pinksteren (waarschijnlijk 1544) dat Filippus een diepe geestelijke ervaring beleefde. Terwijl hij in gebed is, ziet hij plots een vurige bol die door zijn mond in hem binnendringt en zijn hele borstkast vervult en verwijdt. Een explosie van de grote liefde van Gods Geest. Het zette hem van binnen letterlijk in vuur en vlam. Na deze gebeurtenis constateerden mensen dat Filippus het nooit koud had, ook niet in de winter; hij verspreidde zelfs een warmte die voelbaar was. Het hele leven van Filippus is daarna doorweven met buitengewone verschijnselen, ook met pogingen om het te verbergen en te voorkomen. Kortom, dat persoonlijke pinkstergebeuren zou hem heel zijn leven begeleiden.

In de jaren 40 van de 16de eeuw wisselden priesters hun mooie kleren en kapsels voor priesterkledij en soberheid. De Kerk werd hervormd (Concilie van Trente). Ongeordende kluizenaars roken naar protestantisme, de geest van opstand. Daarom sloot Filippus zich aan bij een groep priesters en broeders die samenwoonden in San Girolamo. Hij ontdekte dat men zich beter kan invoegen in een groter geheel, ook om de eigen inspanningen vruchtbaarder te maken. Hij ontmoette allerlei mensen die, vanuit Christus, werkten aan de Nieuwe Evangelisatie van die tijd. Ondertussen werd Filippus een steeds groter getuige van Gods liefde. Hij luisterde naar mensen, won hun vertrouwen en sprak pas over God wanneer de ander er klaar voor was. Hij wist mensen te boemoedigen en dit werd heel concreet in zijn hulp aan zieken in het ziekenhuis. Zijn biechtvader vroeg of hij niet beter priester kon worden...

Op 36 jarige leeftijd werd Filippus priester gewijd. Hij kwam in een leefgemeenschap van priesters, geest verwanten die leefden vanuit de Eucharistie en het Evangelie. Zo werkten ze, elk op eigen wijze, aan de Nieuwe Evangelisatie. Vanaf zijn wijding lag het accent op de Eucharistie (ontmoeting met God) en de biecht (ontmoeting met mensen). Naast de dagelijkse Mis hield Filippus ook van de Eucharistische Aanbidding.

Niemand weet wanneer het Oratorium gesticht werd, het is langzaam gegroeid. Filippus liet zich leiden door Gods Heilige Geest. In het begin waren er 's middags bijeenkomsten van een uurtje met stil gebed, een lezing, gevolgd door commentaar van Filippus en dialoog met elkaar. Er waren voordrachten over de moraal, het leven van de Heiligen en de geschiedenis van de Kerk, dit alles omlijst met zang en gebed. De deelnemers evangeliseerden op hun beurt weer verder in Rome. Ze ontdekten dat 'jezelf bekeren' geen afzweren van je talenten betekent, maar ze verder ontwikkelen. Zo groeide het Oratorium tot een 'brandhaard' die warmte en licht verspreidde. Er waren jongeren die onder leiding van Filippus naar een priesterlijke roeping groeiden. Zij werden zijn eerste herlpers. Er werd niets gesticht, maar er groeide wel iets.

In 1575, het Heilig Jaar, kwamen er massa's pelgrims naar Rome. Filippus en de zijnen deden vanalles om ze goed op te vangen. San Girolamo werd te klein: in 1564 waren ze nog maar met drie priesters, in 1567 waren er al achttien leden en in 1578 drieëndertig... Ze ontdekten dat (ten eerste) een eigen huis en een eigen kerk echt nodig was, en (ten tweede) Filippus ouder werd. Kortom, als men het werk van het Oratrorium wilde verder zetten, moesten ze onafhankelijk worden. Daarom werd in 1575 de Congregatie van het Oratorium opgericht. Kort daarna, in 1576, gaf Paus Gregorius XII aan Filippus een bouwvallig kerkje dat op een verkeersknooppunt lag. De Oratorianen zouden een nieuwe kerk (Chiesa Nuova) bouwen... niemand wist hoeveel dat zou kosten of waar dat geld vandaan moest komen. Filippus vertrouwde op de Hemel, hij had met de Madonna (Maria, de Moeder Gods) een akkoordje gesloten: hij zou niet sterven voordat de Chiesa Nuova klaar was. De Constituties (Regel) was een ander probleem; in 1575 was de Congregatie dan wel opgericht, maar de Constituties werden pas geschreven na de dood van Filippus. Filippus had namelijk een hekel aan wetten en regeltjes. Ondertussen had het Oratorium een heel eigen apostolaat, namelijk: de dagelijkse preken over het leven van de Heiligen, de geschiedenis van de Kerk, de moraal, dagelijkse gebedsoefeningen, veelvuldig ontvangen van de Sacramenten (m.n. Eucharistie en biecht).

Op het eind van zijn leven trok Filippus zicht steeds meer terug op zijn kamer. Wat het meest indruk maakte op de dagelijkse bezoekers die bleven komen was de glimlach waarmee hij mensen begroette. Zo liet hij zien dat God hen werkelijk beminde en aanvaardde. Door Filippus ondervonden velen bemoediging, troost en vrede. De gezondheid van Filippus ging steeds verder achteruit. Wanneer zijn gezondheid het toeliet, ging Filipuus naar buiten, ook in de winter, hij had het immers toch nooit koud. Daar ontmoettte hij allerlei mensen van allelei slag, hij had een grote voorliefde voor mensen aan de rand. Zijn lichamelijke dood voltrok zich bijna onopgemerkt, toch wist Filippus dat zijn uur naderde. Hij wist zelfs precies wanneer: de 26ste mei in het zesde uur van de nacht. Tijdens zijn laatste Mis deed hij iets bijzonders: hij zong het Gloria en voordat hij ging slapen zegende hij zijn huisgenoten en zei hartelijk: "Aan het einde moet men sterven". In die nacht werd een medebroeder rond het zesde uur wakker, ging naar Filippus, en toen bleek dat hij zou sterven werd de hele gemeenschap bijeengeroepen. Filippus hief zijn hand op ten zegen en vertrok, naar de overkant...

Om het Oratorium nog beter te leren kennen verwijzen we u graag naar enkele grote figuren uit onze
geschiedenis.
- meer over de Heilige Filippus Neri
Caesar Baronius 
- Franciscus van Sales (geen Oratoriaan)
- John Henry Newman

Deze website is aangeboden door: sitetotaal